> edito#53

5 Jaren, 5 Jours, One Nova

Il était une fois ... un petit cinéma qui naquit dans une forêt lointaine et inconnue. Du doux nom de Nova il fût baptisé. Dans cette immense forêt encombrée, il élu domicile en une petite clairière, délaissée depuis nombre de lunes. Après moulte efforts, défrichée et apprétée, elle acceuillit bientôt les habitants des environs.
Bien que cerné d’immenses "châteaux du spectacle" (qui, selon la légende, n’ont de spectaculaire que les apparats de leur forteresse) et quelques peu raillé par les druides de haut vol, le Nova rallia petit à petit une assemblée curieuse et prestement conquise. On y croisa même des émissaires étrangers, invités ou de passage, ayant parcourus parfois des centaines de lieues pour découvrir cet endroit unique, partager de longues discussions avec les habitants de la forêt avant de s’en retourner bien au-delà des monts et vallées colporter cette expérience. Ainsi, au fil des jours (et des nuits), tout ce petit monde s’émerveillait du spectacle de ces images fantasmagoriques pour ensuite se retrouver, s’abreuver et festoyer dans la taverne souterraine. Et toute cette frénétique agitation d’être soigneusement orchestrée par une bande de petits lutins iconoclastes s’acharnant aux nombreuses tâches domestiques et créatrices. L’une d’entre elles, ô combien délicate, d’ailleurs menée par les plus habiles et jongleurs d’entre eux, consiste, plusieurs fois l’an, à se rendre auprès des grands seigneurs s’enquérir de sa maigre part de la récolte. Et, ces lutins d’en revenir à la clairière et d’égrainer les deux deniers six sous alloués pour leurs animations.
Les lunes et les années passèrent ainsi, vaille que vaille. Après cinq années chargées, nous prenons donc le temps de convier tous les ami(e)s du Nova à célébrer, cinq jours durant, cet anniversaire ... et ce, alors que les grands seigneurs brandissent leur épée de Damocles sur le devenir incertain de la petite clairière.
Qu’à cela ne tienne !


5 JAREN, 5 JOURS, ONE NOVA

Er was eens ... een kleine cinema die werd geboren in een ver en onbekend woud. Hij kreeg de schone naam Nova mee. In dit immense en ondoordringbare woud vestigde hij zich op een kleine weide, sinds mensenheugenis verlaten. Na menige inspanning was het terrein klaar en kon het de kleine cinema en algauw de bewoners uit het rond ontvangen.

Hoewel omringd door reusachtige filmkastelen (waarvan naar men zegt slechts het decor diepe indruk nalaat) en onder de spottende glimlach van de hoge druïden van het bos, verzamelde de Nova langzaam maar zeker een publiek van nieuwsgierigen die al snel voor z’n charmes bezweken. Men ontmoette er zelfs gezanten van heinde en ver, genodigden of op doorreis, die vaak vele honderden boogscheuten hadden afgelegd ver om de kleine cinema te ontdekken, lange discussies met de bosbewoners te voeren en uiteindelijk terug te keren over berg en dal, heel wat verhalen rijker.

Aldus vergingen de dagen (en de nachten), de bosbewoners laafden zich aan wonderbaarlijke beelden en kwamen daarna samen in de onderaardse grot om hun dorst te lessen en menig feest te vieren. Al dit frenetische gewriemel werd hierbij in goede banen geleid door een bende onversaagde boskabouters die zich vastbeten in de talrijke huiselijke en scheppende taken. Eén ervan -onnoemelijk delicaat en dan ook uitgevoerd door de meest bedreven onder hen- bestaat erin meermaals per jaar op audiëntie te gaan bij de heren van het bos om te pleiten voor hun bescheiden deel van de jaarlijkse oogst. De kabouters komen dan terug naar de weide en tellen nog eens de vijf ducaten en drie kopermuntjes die ze voor hun voorstellingen krijgen.

Manen en jaren vervlogen zo. Na vijf drukke jaren neemt de Nova de tijd alle vrienden van de kleine cinema uit te nodigen om vijf dagen lang haar verjaardag te vieren... en dat terwijl de heren van het bos hun zwaard van Damocles zwaaien boven de onzekere toekomst van de kleine weide. Maar laat dat vooral niet aan uw hart komen !


https://www.nova-cinema.org/spip.php?page=print&id_rubrique=196&lang=fr